DE WAARHEID OVER HET FLEISCHMANN-PONS EXPERIMENT

Door: Vessela Nikolova

4 januari 2014

Vertaling: Paul Harmans

Bron: http://www.ecat-thenewfire.com/blog/truth-fleischmann-pons-experiment


Voorwoord Energy Catalyzer NL

Wellicht is het voor de nieuwkomers op deze website wel handig om uit te leggen wat het Fleischmann en Pons koude kernfusie experiment te maken heeft met de huidige aandacht voor de E-Cat.

Fleischmann en Pons kwamen al in 1989 met hun koude kernfusie resultaten naar buiten en dat was wereldnieuws, eindelijk een kans op een energiebron die spotgoedkoop was en geen enkele vervuiling met zich meebracht. In die tijd waren er echter al jaren duizenden wetenschappers bezig met onderzoek naar ‘hete’ kernfusie, daar zaten inmiddels miljarden dollars overheidsgeld in en men verwachtte nog enkele tientallen jaren bezig te zijn met het onderzoek alvorens een perfect werkende hete kernfusie centrale te kunnen bouwen. Die duizenden wetenschappers verdienden dus hun brood met hete kernfusie onderzoek en hun carrières waren daarop gebouwd (dat is vandaag de dag nog steeds zo, men verwacht pas in 2030 de eerste werkende hete fusie centrale te kunnen bouwen). Toen Fleischmann en Pons hun zeer eenvoudige en goedkope variant van fusie presenteerden, werd daar, begrijpelijk, geschokt op gereageerd door de hete kernfusie tak.

Het hete kernfusie onderzoek vond (en vindt) in de VS voornamelijk plaats bij het MIT en Caltech, de grote Amerikaanse technische universiteiten, en zij drongen er in 1989 meteen op aan dat zij de geschikte instituten waren om te trachten het Fleischmann en Pons experiment te repliceren. Meteen vanaf het begin, terwijl de experimenten nog liepen, werd door beide instituten de koude kernfusie op de hak genomen, wetenschappers dronken uit koffiemokken waarop men negatieve boodschappen had laten drukken, oa. aan de universiteit van Utah (waar Fleischmann en Pons hun experimenten uitvoerden): ‘The Utah University: Department of Fusion Confusion’

Na slechts 5 weken liet men weten (op een feestelijk congres met 5000 wetenschappers) dat het experiment van Fleischmann en Pons niet te herhalen was, dat het effect dwars tegen alle natuurwetten inging en dat het dus op bedrog was gebaseerd en dat de twee uit het wetenschappelijke wereld verstoten behoorden te worden (aldus geschiedde). En de 5000 aanwezigen dronken daar verheugd een glaasje op!

Meer over bovenstaand schandaal in dit artikel:
http://www.e-cat.co.nl/Tekstpagina/KoudeKernfusie29Dec2011.htm

Niet veel later bleek dat de twee instituten (MIT en Caltech) wel degelijk positieve resultaten hadden behaald (dat werd voornamelijk bekend via klokkenluiders), maar dat werd niet aan de grote klok gehangen en tot op de dag van vandaag houdt de complete wetenschap (en de politiek, het bedrijfsleven en de media) vol dat koude kernfusie onmogelijk is, omdat dat is 'bewezen'. Bij de grote terughoudendheid van bijna de gehele wetenschappelijke gemeenschap om nu alsnog toe te geven dat koude kernfusie wel mogelijk is (nu blijkt dat Rossi en aan groot aantal anderen succes hebben) speelt wellicht mee dat men dan tevens excuses aan Fleischmann en Pons moet aanbieden en de twee moet compenseren voor het aangedane leed. (Voor Fleischmann komt dat te laat, hij is helaas in 2012 overleden.) En wat te denken van de verontwaardiging bij bijna de gehele wereldbevolking en milieu-instellingen als nu blijkt dat we 25 jaar geleden al koude kernfusie hadden kunnen ontwikkelen en we, pak hem beet, al 15 jaar onze energie via de schone en goedkope koude kernfusie hadden kunnen opwekken, maar dat zoiets bewust door de wetenschap de nek is omgedraaid.

Dat de gevestigde media momenteel geen enkele aandacht aan de opstanding van de koude kernfusie besteden, wijten vele aan het feit dat ze in 1989 wereldwijd zeer enthousiast melding maakten van het feit dat Fleischmann en Pons koude kernfusie hadden uitgevonden en dat zoiets van grote invloed op de hele wereld zou zijn. Toen ze daarna zogenaamd ongelijk hadden en moesten rectificeren, voelden ze dat natuurlijk als een blamage, vandaar dat ze vandaag de dag eerst de kat uit de boom kijken. Een bijkomend feit is ook dat de gevestigde media sinds de afgelopen 25 jaar meer en meer onder invloed en in handen zijn gekomen van de gevestigde orde: de politiek en het bedrijfsleven (voornamelijk de bedrijven betrokken bij de fossiele brandstoffen) en aangezien die twee partijen geen belang hebben bij een energiebron die de fossiele brandstoffen (en alle triljoenen dollars die daarbij door bovenstaande partijen verdiend worden) in korte tijd kan vervangen, is er beslist druk op hun ‘eigen’ media om geen aandacht aan koude kernfusie te besteden.

*******


Emilio Del Giudice

Vessela Nikolova
Ik heb besloten het verhaal van het Fleischmann en Pons experiment, zoals het werd verteld door de Italiaanse theoretisch natuurkundige Emilio Del Giudice in zijn populaire conferenties, in het Engels te vertalen, niet alleen omdat ik het genoegen had naar één van zijn lezingen te mogen luisteren, gehouden in Florence een paar jaar geleden, maar ook omdat het onderwerp op een zodanig informerende wijze wordt gebracht, dat het geschikt is voor een algemeen publiek:

In 1989 kondigden Martin Fleischmann en Stanley Pons, twee eminente elektrochemici - in het bijzonder Fleischmann, die werd beschouwd als één van de grootste elektrochemici in de wereld en voor zijn bijzondere bijdrage was genomineerd voor een Nobelprijs - in een persconferentie aan dat je via de juiste elektrochemische methodes de beroemde nucleaire fusie kan opwekken die zo vergeefs wordt gezocht door fysici.

De fusie werd door Fleischmann en Pons verkregen via een chemisch proces, binnenin materie. En het was een zeer goedkoop onderzoek, een miljoen keer goedkoper dan het hete kernfusie onderzoek. Maar wat deden de twee elektrochemici in hun experiment?

Fleischmann en Pons namen een metaal, wat in hun geval palladium was, omdat onder alle metalen palladium meer deuterium (zware waterstof) leek te absorberen binnenin het atoomrooster. En inderdaad, op kamertemperatuur dringt deuterium het palladium binnen, maar het laden stopt op een balanswaarde welke 2/3 is, dat houdt in twee deuteriumatoomkernen voor elke drie atoomkernen palladium.

Echter, wanneer de concentratie van de deuterium geladen in het palladium een bepaalde cruciale drempel bereikt, behoorlijk hoog en moeilijk te bereiken (door Fleischmann en Pons werd ontdekt dat die gelijk is aan 1, dus 1 deuterium atoomkern voor iedere palladium atoomkern) dan start er een spontaan proces van de zogenoemde ‘koude kernfusie’ op, wat inhoudt dat er heliumatoomkernen vanuit het deuterium ontstaan.

Het moeilijkste deel van het experiment was om deze drempel van ‘1’ te bereiken, omdat het inhoudt dat het ver boven de chemische balanswaarde gaat. Fleischmann was een goed elektrochemicus, dus hij wist een elektrochemische methode te vinden waarmee hij, binnen weken van continue laden, zijn palladiumkathodes naar deze cruciale drempel kon brengen.

Als zo’n drempel werd bereikt, dan vond er in de opstelling van Fleischmann en Pons een productie van bovenmatige hitte plaats, in hoeveelheden die niet in verhouding stonden met enig bekend chemisch proces. Om je een idee te geven, de hoeveelheid energie die vrijkwam was in de orde van grootte van 500 eV (electron volt) per atoom, dat valt door geen enkel chemisch fenomeen te rechtvaardigen, bindingsenergie bestaat uit slechts een paar eV.

Bovendien, het zojuist beschreven effect trad alleen op als deuterium werd gebruikt - dus de isotoop van waterstof waarvan de kern is samengesteld uit een neutron en proton - terwijl als er normale waterstof werd gebruikt, dat bestaat uit slechts 1 proton, er niets gebeurde. Alleen al deze twee factoren - de grote hoeveelheid bovenmatige hitte en de afhankelijkheid van isotopen voor het effect - maakt dat men gelooft dat er een nucleair proces achter de resultaten van het experiment schuilgaat.

Tevens waren Fleischmann en Pons wel zo accuraat om te verifiëren of het proces ook protonen, neutronen, enz. uitstootte (straling) en zij ontdekten dat de hoeveelheid protonen en neutronen die werd uitgestoten belachelijk laag was, ongeveer één miljoenste van wat men kon verwachten op basis van de traditionele nucleaire fusie.


Fleischmann en Pons in hun laboratorium aan de universiteit van Utah

In hun gepubliceerde artikel in the Journal of Electroanalytical Chemistry, hadden de twee elektrochemici duidelijk geschreven dat dit een nieuwe vorm van fusie was, niet iets dat je kon toeschrijven aan de klassieke hete kernfusie. Het paradoxale is dat gedurende jaren enkele critici opmerkten dat de resultaten niet consistent waren met de te verwachte waardes bij fusie binnen het traditionele model. Maar Fleischmann en Pons hadden de resultaten van dergelijke metingen nooit gebruikt om te zeggen dat het een oude stijl fusie was, het was juist het tegenovergestelde!

De tweede vorm van voornaamste kritiek was dat het Fleischmann en Pons experiment niet herhaalbaar was, omdat een aantal laboratoria aankondigden dat zij bij hun pogingen het fenomeen niet konden reproduceren. Maar de daarmee gepaard gaande artikelen van afwijzing rapporteerden niet het niveau van deuterium in het palladium, ze hadden het niet de moeite waard gevonden dat te meten!

Er kan geconcludeerd worden dat er in de fysica ‘geen enkel experiment ooit gereproduceerd kan worden als het wordt gedaan met voldoende onbekwaamheid’. In dit geval was het geen onbekwaamheid, maar een opzettelijke daad, zoals we uit vele aanwijzingen kunnen opmaken. Maar dat is weer een ander verhaal, dat verteld wordt in mijn boek: ‘The secret of the three bullets’ in co-auteurschap met Maurizio Torrealta.

EMILIO DEL GIUDICE (1940-2014 was een Italiaanse natuurkundige die heeft gewerkt op het gebied van condensed matter. Hij was ook een theoretisch natuurkundige en professor aan de universiteit van Napels en een pionier op het gebied van de stringtheorie in de vroege jaren zeventig, hij werd later bekend vanwege zijn werk met Giuliano Preparata aan het Italiaanse National Institute of Nuclear Physics (INFN). Hij was tevens bekend vanwege zijn excellente kwaliteit om iets begrijpelijk te maken, in het bijzonder op het gebied van de kwantummechanica.


Opmerking Energy Catalyzer NL
Aan bovenstaand verhaal kan worden toegevoegd dat Fleischmann en Pons meerdere experimenten met het laden van deuterium in palladium deden. In één daarvan hadden ze maandenlang een blokje palladium van ongeveer een kubieke centimeter, in een glazen beker met deuterium (zware waterstof) staan om zodoende de deuterium in het palladium te laden.

Gedurende maanden gebeurde er weinig met het palladium, maar ze lieten het rustig staan. In een weekend bleek, toen iemand het lab controleerde, dat het blokje palladium dwars door de labtafel leek te zijn gebrand en diep in de betonnen vloer onder de tafel was gedrongen. Het kon niet anders of het blokje palladium was opeens verhit tot het smeltpunt van 1600 graden voor palladium, had de glazen beker gebroken, was door de solide laboratoriumtafel gebrand en had daarna nog geruime tijd zoveel hitte afgegeven dat er een diep gat in het massieve beton was gebrand.

Normaal zou een brokje gesmolten staal van dergelijke afmetingen nog wel door een laboratoriumtafel (die beslist degelijk zijn en bestand tegen hitte en zuren) kunnen branden, maar eenmaal op de betonnen vloer zou de hitte al snel wegvloeien in het koele beton. In dit geval gebeurde dat niet, dat geeft aan dat de hittereactie in het palladium extreem lang voortduurde en er dus een bepaald effect was opgetreden, met grote waarschijnlijkheid natuurlijk het koude fusie effect waar Fleischmann en Pons onderzoek naar deden. (1600 graden Celsius mag je binnen de kernfusie 'koud' noemen, omdat 'hete' kernfusie pas optreedt bij miljoenen graden Celsius, zoals op de zon.)

Meer over dit voorval in het volgende artikel:
http://atom-ecology.russgeorge.net/2014/12/02/fleischmann-singularity



http://www.ecat-thenewfire.com/blog


  Share


TERUG NAAR PAGINA ARTIKELEN